Nederlands koloniaal rijk in Zuidoost-Azië. Ontstond na 1815, dus nà de periode van de Verenigde Oostindische Compagnie (V.O.C., 1602-1799). Uit Indië kwamen tropische producten zoals specerijen, koffie, thee, tabak. Er werd ook veel rubber geproduceerd. De belangrijkste delfstof was aardolie.
In maart 1942 werd Nederlands-Indië bezet door Japan. De Japanners wilden vrij toegang hebben tot al die aardolie en rubber. Na de Japanse nederlaag, in augustus 1945, lukte het Nederland niet om zijn gezag in de kolonie te herstellen. Nederlands-Indië werd de onafhankelijke Republiek Indonesië. Sindsdien zijn er in Nederland geen winkels meer met het opschrift 'koloniale waren'. Ook de 'koffieveilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij' zijn voorgoed verleden tijd.
De Indische koloniale samenleving
In Batavia (Jakarta), op het dichtbevolkte eiland Java, zetelde het Nederlandse koloniale bestuur met aan het hoofd de gouverneur-generaal (afgekort 'GG'). Java was het hoofdeiland. De overige eilanden werden 'de buitengewesten' genoemd. Dit uitgestrekte koloniale rijk omvatte talrijke vorstendommen, volken en culturen. Nederlands-Indië bereikte zijn grootste omvang omstreeks 1905. Het Nederlandse koloniale leger had toen net het sultanaat Atjeh op Noord-Sumatra 'gepacificeerd' (Atjeh-oorlog, 1873-1904).
De Indische koloniale samenleving was er een van rangen en standen. Huidskleur en afkomst waren er erg belangrijk. Blanken (hoofdzakelijk Nederlanders) vormden de dunne bovenlaag. Een tussengroep - tussen de Europeanen en de 'inlanders' in - werd gevormd door de Indische Nederlanders ('Indo's'). Dit was de groep mensen van gemengd Nederlands-Indonesische afkomst.
Een bijzondere plaats werd ingenomen door de Molukkers; Molukse mannen vormden de ruggengraat van het koloniale leger. Naast de Nederlanders waren er nog andere niet-Indonesische minderheden, zoals Duitsers, Oostenrijkers en zogeheten 'vreemde Oosterlingen' (Chinezen, Arabieren).
Zelfbestuur Indonesiërs?
De Nederlandse regering vond dat de 60 miljoen Indonesiërs voorlopig nog niet toe waren aan zelfbestuur. Er bestond sinds 1918 wel een Volksraad, met Indonesische en Nederlandse afgevaardigden. De Indonesiërs in de Volksraad waren gematigde nationalisten. Zij bereikten niets met hun voorstellen. Het gevolg was dat de radicale nationalisten (Soekarno bijvoorbeeld), die de Volksraad verwierpen als een zoethoudertje, steeds meer aanhang kregen.
Japanse bezetting
Op 27 februari 1942 versloeg de Japanse marine een Nederlandse/geallieerde vloot in de Javazee. In maart 1942 viel heel Nederlands-Indië in Japanse handen. Het Japanse leger bleek veel te sterk voor het KNIL, het Koninklijk Nederlandsch Indisch Leger. De Nederlanders werden in kampen opgesloten, geïnterneerd. Eerst de mannen, later de vrouwen en kinderen. Nederlandse mannen werden later als dwangarbeiders tewerkgesteld, onder meer aan de Birma-spoorlijn.
De Indonesiërs waren nu bevrijd van de westerse, koloniale overheersing. Maar de Japanners maakten de belangen van de Indonesiërs totaal ondergeschikt aan de oorlogvoering. Voor de Japanners was het Indonesische nationalisme een wapen in de strijd. Indonesische jongeren werden bestookt met anti-westerse propaganda. Indonesische nationalisten werkten met de Japanse bezetter samen.
Republiek Indonesië
Op 17 augustus 1945 werd de 'Republik Indonesia' opgericht, door Soekarno en Mohammed Hatta. Maar pas in 1949 werd Indonesië door Nederland als soevereine staat erkend. Dat duurde zo lang, omdat Nederland eerst nog oorlog had gevoerd tegen de republiek, onder meer om te voorkomen dat Indonesië een eenheidsstaat zou worden (het ideaal van Soekarno). Soekarno werd door veel Nederlanders beschouwd als een soort Mussert, omdat hij met de Japanners had samengewerkt.
Na 1949 bleef alleen Nieuw-Guinea nog Nederlands, tot het in 1963 alsnog door Nederland aan Indonesië werd afgestaan. President Soekarno had nu zijn doel bereikt: een Republiek Indonesië die zich uitstrekte 'van Sabang tot Merauke', centraal geleid vanuit Jakarta. Een gevolg van de dekolonisatie (verbreking van de koloniale banden) was dat vele duizenden mensen het tropische Insulinde moesten verruilen voor het kille Nederland.